1000
Type of resources
Metadata standard
Topics
Keywords
Contact for the resource
Provided by
Years
Formats
Representation types
Update frequencies
status
Scale
-
De VCP geeft inzicht in wat, waar en wanneer Nederlanders eten en drinken en vergelijkt dit met de Richtlijnen goede voeding en voedingsnormen van de Gezondheidsraad. Het RIVM bracht dit in kaart op basis van het voedingspatroon van ongeveer 3.500 kinderen en volwassenen in de periode 2019-2021.
-
In aanvulling op de huidige provinciale strategische reserves is in beeld gebracht waar in Nederland kansrijke gebieden liggen met potentieel geschikte grondwatervoorraden voor de productie van drinkwater. Bij de totstandkoming van de gebieden is stapsgewijs een aantal selectiecriteria doorlopen. - winbaar grondwater aanwezig - zoet/brak grondwater aanwezig - geen anthropogene verontreinigingen - niet in bebouwd gebied - geen invloed op andere winningen of WKO
-
Ruwe ongevalideerde glijdende 24-uurswaarden fijn stof (PM10) op grondniveau in de buitenlucht gemeten in het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML). Stof is een verzamelnaam voor alle deeltjes, die in de lucht zweven. Als de diameter van de deeltjes kleiner is dan 10 micrometer dan wordt er gesproken van fijn stof. Fijn stof heeft vele bronnen en worden ook gevormd door chemische reacties in de lucht. De wettelijke norm is een jaargemiddelde van 40 microgram per kubieke meter. Daarnaast mag het daggemiddelde jaarlijks maximaal 35 keer hoger zijn dan 50 microgram per kubieke meter. Fijn stof heeft effect op de menselijke gezondheid. Ook onder de wettelijke normen.
-
Op de kaart ziet u welk percentage van de bevolking dat ernstig gehinderd is door geluid van passerende treinen.
-
Op de kaart ziet u welk percentage van de bevolking dat ernstig gehinderd is door geluid van zijn of haar buren.
-
Wat is er te zien: Dieldringehalte (Relatief t.o.v. mediaan) voor bovengrond (0-10cm) voor 5 landgebruik-grondsoort combinaties in Nederland. Toelichting: Het middel is voornamelijk gebruikt in de akkerbouw. Hoewel dit gewasbeschermingsmiddel sinds 1984 uit de handel is, worden nog steeds concentraties aangetroffen; het middel is persistent, dat wil zeggen dat het slecht afbreekbaar is. Er bestaat een achtergrondwaarde in de vorm van een som-norm (samen met aldrin en endrin), deze bedraagt 15 μg/kg. Wat is de Waarde: waarschuwend effect. De lezer ziet hoe lang deze bestrijdingsmiddelen in het milieu blijven. Ook als er beleid is om de verkoop te verbieden, ben je er nog niet vanaf, omdat de resten van voorgaande jaren nog in het milieu zitten. Belangrijk voor: Ecologische kapitaal en ecosysteemdiensten. Diffuse bodemverontreiniging heeft effecten op de mogelijkheden voor het benutten van ecosysteemdiensten.
-
Op de kaarten ziet u hoeveel licht er ‘s nachts in Nederland te zien is, van bovenaf gezien, uitgedrukt in 10-10 Watt per cm2 per steradiaal. In gebieden die paars oplichten wordt veel licht uitgestoten, zoals in het kassengebied in Zuid-Holland. In andere gebieden, zoals in het noorden van Nederland, wordt afgezien van de steden weinig licht uitgestoten. Verlichting in de avond en de nacht maakt het mogelijk dat wij langer actief kunnen zijn (sporten, uitgaan) en draagt bij aan de verkeers- en sociale veiligheid.
-
U ziet het verkoelend effect van groen (bomen e.d.) en blauw (water) in stedelijke gebieden. Het stedelijk hitte-eiland effect zorgt ervoor dat de luchttemperatuur 's nachts niet daalt waardoor gevoelige bevolkingsgroepen (baby's, kinderen, ouderen) gezondheidseffecten ondervinden. Vegetatie en water kunnen zorgen voor verkoeling. Het is nuttig om te weten waar nu reeds geschikte vegetatie aanwezig is. Dit is o.a. belangrijk voor stedenbouwkundige ontwerpers en beleidsmedewerkers klimaatadaptatie.
-
Ruwe ongevalideerde uurwaarden stikstofdioxide (NO2) op grondniveau in de buitenlucht gemeten in het Landelijk Meetnet Luchtkwalteit (LML). Stikstofdioxide is een bruin gas. Blootstelling aan stikstofdioxide (NO2) hangt samen met een verminderde longfunctie, een toename van luchtwegklachten en astma-aanvallen en een verhoogde gevoeligheid voor infecties. De concentratie van stikstofdioxide (NO2) in Nederland neemt toe vanuit het noorden naar het zuiden. Verkeer is een belangrijke bron van stikstofdioxide. Langs drukke verkeerswegen in vooral de Randstad en het zuiden van Nederland wordt de wettelijke norm (40 microgram/m3 gemiddeld over een jaar) overschreden. Daarnaast ontstaat NO2 uit een reactie tussen stikstofmonoxide en ozon. Het weer en de verkeersdrukte hebben grote invloed op de concentratie.
-
Alle GGD’en in Nederland verzamelen elke vier jaar gegevens over de gezondheid, het welzijn en de leefstijl van jongeren via de Gezondheidsmonitor Jeugd. Dit grootschalige digitale vragenlijstonderzoek vindt plaats onder scholieren in klas 2 en 4 van het regulier voortgezet onderwijs. Alle GGD’en voeren het onderzoek in hetzelfde jaar op uniforme wijze uit. GGD’en gebruiken hiervoor dezelfde digitale (basis)vragenlijst. Hierdoor is het mogelijk om de resultaten op landelijk, regionaal en lokaal niveau te vergelijken. In de basisvragenlijst zijn o.a. vragen opgenomen met betrekking tot mentale en fysieke gezondheid, veerkracht, vertrouwen in de toekomst, geluk, stress en weerbaarheid, (cyber)pesten, sexting, roken, drinken en cannabisgebruik, bewegen en sociale media en gamen. De resultaten van het onderzoek helpen bij de ontwikkeling van beleid om de gezondheid van middelbare scholieren te verbeteren. Sinds 2015 is de Gezondheidsmonitor Jeugd vier keer landelijk geharmoniseerd uitgevoerd. Het beheer van de landelijke databestanden ligt bij het RIVM. Gezondheidsmonitor Jeugd 2023 (N=188.421): In alle GGD-regio’s werden alle scholen uitgenodigd om mee te doen. Na het samenvoegen van alle regionale bestanden en opschonen van de data bevat het bestand gegevens van 188.421 jongeren. Alle 25 GGD-regio’s hebben bijgedragen aan prevalentiecijfers op landelijk, regionaal en gemeenteniveau. Corona Gezondheidsmonitor Jeugd 2021 (N=166.786): In 2021 is een extra meting uitgevoerd in het kader van het Gezondheidsonderzoek COVID-19 van het Netwerk GOR. Het netwerk GOR bestaat uit GGD’en, GGD GHOR Nederland, RIVM, het NIVEL en ARQ Nationaal Psychotrauma Centrum. In alle GGD-regio’s werden alle scholen uitgenodigd om mee te doen. Na het samenvoegen van alle regionale bestanden en opschonen van de data bevat het bestand gegevens van 166.786 jongeren. Alle 25 GGD-regio’s hebben bijgedragen aan prevalentiecijfers op landelijk, regionaal en gemeenteniveau. Gezondheidsmonitor Jeugd 2019 (N=171.192): De omvang van de steekproeven verschilde per GGD-regio. Na het samenvoegen van alle regionale bestanden en opschonen van de data bevat het landelijk databestand gegevens van 171.192 jongeren. Alle 25 GGD-regio’s hebben bijgedragen aan prevalentiecijfers op regionaal (GGD-regio) en landelijk niveau. In 19 GGD-regio’s werden alle scholen uitgenodigd om mee te doen met het vragenlijstonderzoek, zodat in die regio’s ook prevalentiecijfers voor gemeenten beschikbaar zijn. Gezondheidsmonitor Jeugd 2015 (N=96.919): De omvang van de steekproeven verschilde per GGD-regio. Na het samenvoegen van alle regionale bestanden en opschonen van de data bevat het landelijk databestand gegevens van 96.919 jongeren. Alle 25 GGD-regio’s hebben bijgedragen aan prevalentiecijfers op landelijk niveau. Daarnaast zijn in 14 regio’s ook prevalentiecijfers op regionaal niveau (GGD-regio) beschikbaar. In 9 van die 14 GGD-regio’s werden alle scholen uitgenodigd om mee te doen met het vragenlijstonderzoek, zodat in die regio’s ook prevalentiecijfers voor gemeenten beschikbaar zijn. Voor meer informatie over de monitors en een overzicht van de resultaten zie monitorgezondheid.nl/gezondheidsmonitor-jeugd. Via monitorgezondheid.nl/data-aanvraag kunt u data of cijfers aanvragen uit de Gezondheidsmonitors voor onderzoek en beleid op zowel lokaal, regionaal als landelijk niveau. De licentie betreft de meta data en niet de dataset.