vector
Type of resources
Metadata standard
Topics
INSPIRE themes
Provided by
Years
Formats
Representation types
Update frequencies
status
Scale
-
Deze dataset toont de jaargemiddelde concentraties van stoffen in het drinkwater opgenomen per drinkwaterpompstation. De metingen zijn uitgevoerd door de drinkwaterbedrijven daar waar het drinkwater na zuivering het pompstation verlaat. Alleen de meetresultaten boven de detectiegrens zijn weergegeven. De dataset bevat de metingen van 2013 tot heden.
-
Ruwe ongevalideerde uurwaarden stikstofmonoxide (NO) op grondniveau in de buitenlucht gemeten in het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML). Stikstofmonoxide is een kleurloos gas. Stikstofmonoxide heeft geen directe schadelijke effecten voor de gezondheid. Het kan wel schade opleveren voor de natuur door te reageren tot salpeterzuur.
-
Deze dataset bevat de jaargemiddelde cijfers van het Nationaal Meetnet Radioactiviteit van het RIVM zoals in het kader van het EURATOM verdrag verzameld. De data is op diverse meetlocaties verspreid over Nederland gemeten.
-
Bevat de emissies van stoffen naar de lucht en het brandstofverbruik van de grote vuurhaarden in Nederland (Large Combustion Plants) over het rapportagejaar 2016.
-
Het Landelijk Meetnet Grondwaterkwaliteit (LMG) is opgebouwd tussen 1979 en 1984 en bestaat uit ongeveer 350 meetlocaties die zijn verspreid over heel Nederland. Er wordt bemonsterd in permanente putten die speciaal voor monitoringsdoeleinden zijn aangelegd. Deze waarnemingsputten zijn net buiten de velden aangelegd om eenvoudig te kunnen bemonsteren en de werkzaamheden in het veld niet te hinderen. De locaties zijn geselecteerd op basis van grondsoort, het landgebruik en de hydrologische toestand. Op elke locatie worden grondwatermonsters genomen op diepten van 5-15 m (ondiepe filters) en 15-30 m onder het maaiveld (diepe filters). Op zandgrond worden uit ondiepe waarnemingsputten elk jaar monsters genomen, terwijl er op de andere grondsoorten (klei en veen) elke twee jaar monsters worden genomen uit ondiepe putten. Uit diepe putten wordt elke vier jaar een monster genomen, evenals uit ondiepe filters op meetpunten met mariene invloeden. De putten die niet elk jaar worden bemonsterd, worden in geïnterpoleerd voor de afwezige jaren.
-
Locaties van alle ziekenhuizen in Nederland (algemene en academische ziekenhuizen inclusief de buitenpoliklinieken). Het betreft de situatie van september 2013. Het bestand bestaat uit een locatienaam, organisatienaam en adresgegevens.
-
Ruwe ongevalideerde uurwaarden zwaveldioxide (SO2) op grondniveau in de buitenlucht gemeten in het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML). Zwaveldioxide is een kleurloos gas. Het wordt voornamelijk gevormd het gebruik van zwavelhoudende brandstoffen. Belangrijke bronnen zijn kolengestookte energiecentrales, raffinaderijen en het verkeer (de laatste jaren is voornamelijk de internationale scheepvaart van belang). De concentraties zwaveldioxide zijn in Nederland sterk gedaald door maatregelen op de belangrijkste bronnen. Sinds de jaren 90 van de vorige eeuw zijn er geen normoverschrijdingen meer geweest. Bij hoge concentraties heeft zwaveldioxide negatieve effecten op de menselijke gezondheid en draagt het bij aan de verzuring van ecosystemen. Zwaveldioxide wordt in de lucht gedeeltelijk omgezet in sulfaatdeeltjes en heeft zo een bijdrage aan fijn stof.
-
Geluidbelastingkaart 2021 van de Nederlandse agglomeratiegemeenten. De kaart toont de geluidbelasting gedurende de nacht (Lnight) en 24-uur (Lden), binnen een agglomeratie, die wordt veroorzaak door: wegverkeer, railverkeer, industrie en luchtvaart. Met deze geluidbelastingkaart wordt invulling gegeven aan de eisen uit de Wet milieubeheer die voortvloeien uit de Europese richtlijn omgevingslawaai. Deze kaart vervangt niet de geluidbelastingkaart voor het publiek. Die stellen de bestuursorganen zelf ter beschikking
-
Volgens de LCP-voorschriften in de Richtlijn Industriële Emissies (RIE) hoeven emissies alleen gerapporteerd te worden voor installaties met een thermisch vermogen van 50 MWth of meer. Voor installaties met een lager vermogen (< 50 MWth) geldt geen verplichting tot rapportage per installatie, ook niet wanneer de drempelwaarde wordt overschreden. Wel moet op inrichtingsniveau worden gerapporteerd als de PRTR-drempelwaarde wordt overschreden. Daarnaast blijft de verplichting bestaan om voor grote stookinstallaties de emissies van NOx, SO₂ en totaal stof per installatiegroep te rapporteren, indien de totale jaarvracht op inrichtingsniveau boven de drempelwaarde uitkomt.
-
Elke vier jaar rapporteert Nederland aan de Europese Unie over de kwaliteit van het grondwater en oppervlaktewater in ons land. Dit heet de Nitraatrapportage en is een verplichting vanuit de Europese Nitraatrichtlijn. Het rapport beschrijft ontwikkelingen in het mestbeleid, veranderingen in de landbouwpraktijk en het effect daarvan op de kwaliteit van het grondwater en oppervlaktewater. De Nitraatrapportage 2024 verscheen op 28 november 2024. Alle EU-lidstaten leveren ook hun data over de waterkwaliteit aan de Europese Commissie. Het RIVM doet dit namens Nederland. Voor de Nitraatrapportage zijn gegevens uit verschillende bronnen gebruikt. Het betreft data van de landbouwpraktijk, data van meetnetten voor de waterkwaliteit en data van de Emissieregistratie. Op de website van de Nitraatrapportage (zie link) wordt onder het uitklapscherm ‘Gegevens uit verschillende bronnen’ beschreven welke informatie is opgenomen in de Nitraatrapportage. Voor de Nitraatrapportage 2028 streven we ernaar om de metadata van alle brondata te ontsluiten. Voor de HVD verplichting is op 9 februari 2025 een gedeelte van de brondata van de Nitraatrapportage ontsloten via metadata records. Dit betreft op dit moment uitsluitend de data van het Landelijk Meetnet Grondwaterkwaliteit (LMG). De brondata van het LMG staat op het opendata platform Zenodo, zie de link opgenomen in dit metadatarecord. Indien het gewenst is om de LMG data te bekijken wordt aangeraden om data te downloaden van Zenodo. De resultaten van het LMG zijn gepubliceerd als het aandeel stikstof van nitraat (NO3-N). Voor het weergeven van de resultaten in mg/L nitraat, moeten deze concentraties daarom eerst worden omgerekend. De data is volgens HVD verplichting ook opgenomen als wms en wfs. De wms en wfs bestanden zijn per jaar beschikbaar gesteld. Hierdoor kan het voorkomen dat niet elke put in elke wms of wfs is opgenomen. Het LMG heeft een meetcyclus van één keer per vier jaar. Dat betekent dat elke grondwaterput minimaal één keer per vier jaar wordt bemonsterd, dat kan ook vaker zijn, maar niet vaker dan één keer per jaar. Op het opendata platform Zenodo is een werkbeschrijving opgenomen waarin precies staat beschreven welke werkstappen er zijn uitgevoerd om van de LMG brondata naar de gepubliceerde data in de Nitraatrapportage te komen.