From 1 - 10 / 202
  • Categories  

    Op de kaart ziet u welk percentage van de bevolking ernstig gehinderd is door geur van riolering of waterzuivering.

  • Categories    

    In deze kaart zijn de meetlocaties te zien die door het RIVM bemonsterd zijn ten behoeve van het onderzoek naar de afleiding van de definitieve achtergrondwaarde PFAS in landbodem. De kaart laat meetwaarden zien van PFOS in de bovenste 20 cm van de bodem in potentieel beïnvloede gebieden. Omdat de afleiding van de definitieve achtergrondwaarden is gebaseerd op de toplaag van de onbeïnvloede landbodem, zijn deze meetwaarden niet meegenomen in de afleiding van de definitieve achtergrondwaarde.

  • Categories    

    Emissies naar het riool vanuit de industrie worden via het e-MJV (elektronisch Milieujaarverslag) gerapporteerd wanneer bedrijven bepaalde drempelwaarden overschrijden, zoals vastgelegd in het EPRTR-protocol (European Pollutant Release and Transfer Register). Bij lozingen op het riool gaat het om stoffen die via industriële processen in het bedrijfsafvalwater terechtkomen en via het gemeentelijk riool naar een rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) worden afgevoerd. Bedrijven moeten deze emissies rapporteren als ze onder de reikwijdte van de E-PRTR-verordening vallen én als de emissies van bepaalde stoffen boven de rapportagedrempels uitkomen.

  • Categories  

    Geluidkaart 2016 voor het Nederlandse hoofdspoor in het kader van de Regeling omgevingslawaai. Met de geluidkaart voor het hoofdspoor (de gemiddelde geluidswaarde van alle nachtperioden, 23.00 tot 7.00 uur, Lnight) wordt invulling gegeven aan de eisen uit de Wet milieubeheer die voortvloeien uit de Europese Richtlijn Omgevingslawaai. Over de kaart De kaart en de gegevens zijn afkomstig en eigendom van het ministerie van Infrastructuur & Milieu. De geluidkaart is gemaakt in het kader van de EU geluidkartering en bevat geluidcontouren variërend tussen 50 en 65 dB in klassen van 5 db. Op basis van de EU-regelgeving zal de volgende geluidkartering gaan over het jaar 2021 en waarschijnlijk in 2022 klaar zijn en online verschijnen.

  • Categories  

    Deze kaart toont de gemodelleerde concentratie fijn stof (µg pm2,5/m³) voor 2016 op basis van rekenpunten uit de monitoringstool van het nsl. Deze vlakdekkende kaart van Nederland heeft een resolutie van 25 meter.

  • Categories    

    Deze kaart toont de gemodelleerde concentratie fijn stof (µg PM10/m³) voor 2018 op basis van rekenpunten uit de monitoringstool van het nsl. Deze vlakdekkende kaart van Nederland heeft een resolutie van 25 meter.

  • Categories  

    De hemelhelderheid is een maat voor hoe donker het 's nachts is. Het betreft de luminantie (lichtsterkte per oppervlakte eenheid) in het punt aan de hemel als je recht omhoog kijkt (het zogenaamde Zenit). De luminantie varieert op een locatie sterk. In deze kaart kunt u de berekende hemelhelderheid zien, uitgedrukt in milicandela per m2 voor de situatie: [1] in de avond zonder bewolking. [2] in de nacht zonder bewolking. [3] in de avond met bewolking. [4] in de nacht met bewolking. N.B. In de berekening zijn alleen Nederlandse bronnen meegenomen. Bronnen uit het buitenland ontbreken. Hierdoor is de berekende hemelhelderheid in de grensstreek waarschijnlijk een onderschatting van de werkelijke hemelhelderheid.

  • Categories  

    Overzicht van winlokaties voor drinkwater, met een of meer probleemstoffen in het onttrokken water.

  • Categories  

    Deze kaart toont de gemodelleerde concentratie fijn stof (µg pm2,5/m³) voor 2013 op basis van rekenpunten uit de monitoringstool van het nsl. Deze vlakdekkende kaart van Nederland heeft een resolutie van 25 meter.

  • Categories    

    Het Landelijk Meetnet Grondwaterkwaliteit (LMG) is opgebouwd tussen 1979 en 1984 en bestaat uit ongeveer 350 meetlocaties die zijn verspreid over heel Nederland. Er wordt bemonsterd in permanente putten die speciaal voor monitoringsdoeleinden zijn aangelegd. Deze waarnemingsputten zijn net buiten de velden aangelegd om eenvoudig te kunnen bemonsteren en de werkzaamheden in het veld niet te hinderen. De locaties zijn geselecteerd op basis van grondsoort, het landgebruik en de hydrologische toestand. Op elke locatie worden grondwatermonsters genomen op diepten van 5-15 m (ondiepe filters) en 15-30 m onder het maaiveld (diepe filters). Op zandgrond worden uit ondiepe waarnemingsputten elk jaar monsters genomen, terwijl er op de andere grondsoorten (klei en veen) elke twee jaar monsters worden genomen uit ondiepe putten. Uit diepe putten wordt elke vier jaar een monster genomen, evenals uit ondiepe filters op meetpunten met mariene invloeden. De putten die niet elk jaar worden bemonsterd, worden in geïnterpoleerd voor de afwezige jaren.