Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
Type of resources
Metadata standard
Topics
INSPIRE themes
Keywords
Contact for the resource
Provided by
Years
Formats
Representation types
Update frequencies
status
Service types
Scale
Resolution
-
<p>Datasets used for the manuscript: <em>Long-term wastewater monitoring of SARS-CoV-2 viral loads and variants at the major international passenger hub Amsterdam Schiphol Airport: a valuable addition to COVID-19 surveillance</em></p> <p><em>pandemic_daily_passenger_counts.tsv</em>: An overview of daily passenger arrival counts at Amsterdam Schiphol Airport per continent of origin during the study period 16-02-2020 - 04-09-2022</p> <p><em>pre-pandemic_daily_passenger_averages.tsv: </em>An overview of mean daily passenger arrival counts at Amsterdam Schiphol Airport in the pre-pandemic period 2017-2019.</p> <p><em>viral_load_data.tsv: </em>Flow-corrected viral load (# particles per 24h) in samples taken at the wastewater treatment plant of Amsterdam Schiphol Airport.</p> <p><em>wastewater_variant_frequencies.tsv: </em>SARS-CoV-2 lineage estimates in samples taken at the wastewater treatment plant of Amsterdam Schiphol Airport, analyzed using whole-genome tiled amplicon sequencing.</p>
-
De VCP geeft inzicht in wat, waar en wanneer Nederlanders eten en drinken en vergelijkt dit met de Richtlijnen goede voeding en voedingsnormen van de Gezondheidsraad. Het RIVM bracht dit in kaart op basis van het voedingspatroon van ongeveer 3.500 kinderen en volwassenen in de periode 2019-2021.
-
Voor het Integraal PRTR-verslag (PRTR) moeten bedrijven, wanneer zij de drempelwaarden overschrijden, rapporteren hoeveel afval zij hebben afgevoerd, en op welke wijze dit afval is verwerkt (afvoer binnen Nederland of naar het buitenland, en of het nuttig is toegepast of verwijderd). Deze verplichting geldt voor bedrijven die onder de reikwijdte van Annex I van de E-PRTR-verordening vallen.
-
RNAseq op zebravisembryos en zebravislever
-
genexpressie in humane neurale stamcellen na blootstelling aan stoffen
-
genexpressie in rattenembryos na blootstelling aan diverse azolen
-
Genexpressie in longen van volwassen en oude muizen na infectie met RSV
-
Emissies naar lucht en water vanuit de industrie worden via het e-MJV (elektronisch Milieujaarverslag) geregistreerd wanneer bedrijven verplicht zijn gegevens te rapporteren op grond van nationale en internationale milieuwetgeving, zoals het PRTR-protocol en de E-PRTR-verordening. Emissies naar lucht: Industriële bedrijven moeten emissies naar de lucht rapporteren wanneer zij stoffen uitstoten zoals stikstofoxiden (NOx), zwaveldioxide (SO₂), fijnstof (PM), vluchtige organische stoffen (VOS), broeikasgassen (zoals CO₂ en methaan), en zware metalen. De rapportage is verplicht als de emissievracht van een bepaalde stof op jaarbasis de gestelde drempelwaarde overschrijdt. Emissies naar water: Bedrijven moeten ook rapporteren over stoffen die zij direct lozen op oppervlaktewater of indirect via het riool (met vermelding van de behandeling). Het gaat onder andere om stikstof- en fosfaatverbindingen, zware metalen, en andere milieubelastende stoffen. Net als voor luchtemissies gelden hier drempelwaarden, afhankelijk van de emissiestof en het type lozing. De rapportage in het e-MJV is verplicht voor bedrijven die onder de reikwijdte van bijlage I van de E-PRTR-verordening vallen.
-
De DASH (DAtaset Stikstofdepositie Herkomst) beschrijft ruimtelijk de herkomst, per vierkante kilometer, van stikstofdepositie op de Natura 2000-gebieden t.g.v. Nederlandse bronnen en net over de grens met België en Duitsland. Voor zowel elk natura 2000-gebied met stikstofgevoelige habitattypes in zijn geheel, als per habitattype individueel, zijn deze gegevens beschikbaar. Daarnaast zijn de bijbehorende emissies per vierkante kilometer beschikbaar uitgesplitst per sector en naar NOX en NH3. De dataset bestaat uit een serie van geopackages, koppeltabellen en documentatie.
-
Data is niet algemeen beschikbaar. CC-BY 4.0 licentie betreft de metadata niet de dataset De NECCST dataset omvat gegevens van 5700 vrouwen in Nederland die ooit hebben meegedaan aan de chlamydia screening implementatie tussen 2008 en 2011 en toen hebben aangegeven benaderd te kunnen worden voor vervolgonderzoek naar seksueel overdraagbare aandoeningen. Dat is in 2015 gebeurd in het kader van de Nederlandse chlamydia cohort studie (NECCST). Door middel van een informed consent kregen vrouwen toegang tot een online vragenlijst met vragen over demografie, chlamydia historie, zwangerschappen, lange termijn complicaties van chlamydia zoals chronische buikpijn, buitenbaarmoederlijke zwangerschappen, infertiliteit, anticonceptie en seksueel risico gedrag. De vragen opnieuw gesteld in 2017 en 2019. The NECCST dataset contains information of 5700 females in the Netherlands who participated in the Chlamydia Screening Implementation project between 2008 and 2011. All women that agreed to be asked for follow-up research were invited to participate in the Netherlands Chlamydia Cohort Study in 2015. After informed consent women answered questions in an online survey on demographics, history of chlamydia, pregnancies, long term complications of chlamydia like pelvic inflammatory disease (PID), ectopic pregnancies, tubal factor infertility, anticonception and sexual risk behavior. Other questionnaire rounds took place in 2017 and 2019.